JCWeetje

Historische JCWeetjesWist-Je-DatjesRuimtekidsTechniek & WetenschapCultuurkriebelsKiddoeVariaarchief

De Denim-Blue-Jeans

In 1853 startte de Duitse immigrant Levi Strauss een groothandel op in San Francisco. Hij verkocht dekens, ondergoed, kleding en alles wat maar enigszins met stof te maken had tot paraplu’s toe. Levi Strauss was één van de belangrijkste zakenmensen van de stad maar bleef gewoon doen. Zijn werknemers mochten hem niet “Mijnheer Strauss” noemen maar Levi. Een rariteit in de negentiende eeuw.

De Amerikaanse Wild West werd overspoeld door goudzoekers en de “miners” konden stevige kleding gebruiken. Strauss verkocht al broeken van zeildoek. Eén van zijn klanten, de kleermaker Jacob Davis, verstevigde die broeken met kleine klinknageltjes (rivetten). Daardoor scheurden ze niet zo vlug. Davis en Strauss besloten samen te werken en richtten in 1873 de firma “Levi Strauss & Co.” op die spijkerbroeken maakte.

 

Levi Strauss begon een groothandel in San Francisco, waar hij dekens, ondergoed, kleding en alles wat maar enigszins met stof te maken had verkocht.

 

Maar vanwaar komt dat woord “jeans” of “blue jeans”? De sterke katoenen stof  kwam oorspronkelijk uit de Italiaanse stad Genua. De Fransen spaken dat uit als Gênes en in het Engels werd het “Jeans”.
Die typische blauwe kleur werd al sinds de zeventiende eeuw gebruikt in de Zuid-Franse textielstad Nîmes, het “Bleu de Nîmes”. In het Engels werd “de Nîmes” als “Denim” uitgesproken. Er was zelfs een Amerikaanse stoffenfabriek die Denim heette.

Een detail, het kleine zakje bij de rechterbroekzak van je jeans (afbeelding links) diende om je zakhorloge weg te steken. Over Levi Strauss werd verteld dat hij twee paarden, elk aan een kant, van een spijkerbroek liet trekken om te bewijzen hoe sterk zijn broeken wel waren. Er is niets van waar maar het werd wel het handelsmerk van Levi’s zoals je op de afbeelding rechts kan zien.

 

Op deze afbeelding zie je dat het gebruik van jeansstof al zeer oud is. Het is een “vastendoek” uit 1538. Zo’n beschilderde doek werd in die tijd, voor het altaar gehangen tijdens de vasten. Dit is er een uit Genua, dat in het Engels als “Jeans” werd uitgesproken.

 

Ook op dit schilderij uit de zeventiende eeuw, kan je zien dat de jeansstof toen al gebruikt werd. De schilder kennen we niet, maar hij werkte in Noord-Italië. Het schilderij stelt arme mensen voor die bedelen. Waarschijnlijk droegen ze die jeansstof uit Genua omdat ze heel stevig was en dus heel lang meeging.

Door Lode Melis